Langer wachten op huurhuis door statushouders

BALK

De wachttijd voor huurhuizen zullen langer worden, doordat er meer woningen aan statushouders (asielzoekers die een verblijfsvergunning hebben gekregen) zullen worden toegekend. Die wachttijden zullen later in de tijd nog meer oplopen. De komende periode zal die wachttijd worden verlengd met 2 tot 3 maanden omdat 1 op 5 huizen wordt toegekend aan een statushouder. Door het grote aantal vluchtelingen dat momenteel ons land binnenkomt, zal die extra wachttijd in een later stadium oplopen tot een half jaar. Gemiddeld is de wachttijd voor huurhuizen binnen de gemeente op dit moment 1,5 jaar (sommige mensen wachten een jaar, anderen wel 2,5 jaar). In 2016 zullen zo’n 190 statushouders moeten worden gehuisvest in De Fryske Marren. De gemeente heeft een achterstand, daarom moeten er meer mensen worden voorzien van een huur. Wethouder Durk Durksz noemde dat tijdens de commissievergadering een ‘geweldige opgave’.

Niet in barakken

Omdat de corporaties hebben aangegeven dat de gemeente ook moet kijken naar alternatieven zijn ook andere mogelijkheden onder de loep genomen. ‘Maar huisvesten in barakken of keten is geen optie. Deze mensen moeten integreren en dat kan op die manier niet.’ Er komt daarom een plan van aanpak om ook te kijken naar andere manieren van huisvesting. De politieke partijen vonden het feit dat de wachttijden langer worden moeilijk.

Spanning op individueel niveau

Roelof Wielenga van woningcorporatie Zuidwest Friesland geeft te kennen dat mensen bij hen inderdaad nu ongeveer 1,5 jaar wachten op een huurwoning. ‘Maar dat is niet lang. Er moet wel enige spanning zijn, anders hebben we leegstand. De een wacht bij ons een half jaar, de andere 2,5 jaar zo moet je het zien. En het aanbod varieert ook. De ene week bieden we 1 huis aan, de andere week 8 woningen. Over het hele jaar zullen we nu 10 procent van dat aanbod aan statushouders toekennen. Dat betekent inderdaad dat mensen dan 2 tot 3 maanden langer moeten wachten. Op individueel niveau geeft dat spanning. Want iemand die direct een woning nodig heeft, zal daardoor in de problemen komen. Over de gehele lijn zal het niet tot moeilijkheden leiden. ‘

Positief

Het positieve is volgens Wielenga dat de corporatie met het huisvesten van statushouders doet wat het moet doen. ‘ Dat is namelijk onze doelstelling; voor huisvesting zorgen voor mensen die dat zelf niet kunnen.’ Maar er zijn meer lichtpuntjes. ‘Uit demografische gegevens blijkt dat we over 10 jaar te maken krijgen met krimp als we doorgaan zoals het nu ging. Door deze nieuwe groep krijgen we niet te maken met leegstand.’ Maar kritisch is hij ook. ‘In ons gebied bestaat het aanbod maar voor 25 procent uit sociale huurwoningen. De resterende 75 procent bestaat uit koopwoningen. Dat betekent dat we op termijn problemen krijgen als er zoveel statushouders bij komen. De gemeente zal dan ook moeten kijken naar alternatieven. Mogelijk kan dat in de koopsector, er staan genoeg woningen lees of te koop. Dat kan ook weer nieuwe impulsen geven.’

Auteur

Meintje Haringsma