Het onbekende (wachtkamer) meisje van de foto

WIJCKEL

Lange tijd waren de huisartsen van de huisartsenpraktijk in Wijckel op zoek naar het meisje dat zo parmantig op een oude foto voor de praktijk loopt. Ze noemden haar het onbekende (wachtkamer) meisje en wilden heel graag met haar in contact komen. De foto zo hadden ze namelijk in gedachten, moest ter grootte van de muur in de wachtkamer de geschiedenis in herinnering brengen. Want de huisartsen van tegenwoordig weten, dat de generaties Hattink voor hen namelijk een onuitwisbare indruk hebben achtergelaten. En daar wilden ze niet aan voorbij gaan.

Vlak voor de open dag afgelopen zaterdag was het lot de huisartsen goed gezind. Het kleine meisje, dat nu inmiddels bijna 85 is, was met haar dochters een weekje in Gaasterland. En op een fietstochtje werd afgestapt bij de praktijk en werd spontaan naar binnen gestapt. Zomaar, om even te kijken hoe het er nu bij stond. En toen bleek dat het Lydia van de dokter was die dus op de foto stond. En natuurlijk werd ze daardoor prompt uitgenodigd om aanwezig te zijn op de open dag. Eerst wilde ze dat niet. Nou ja, wel met een grote zonnebril op en volledig incognito. Maar toen ze er eenmaal was, bijgestaan door haar dochters en schoonzoon, bleek het allemaal toch wel erg leuk. Wel was er ook een groot gemis: haar echtgenoot die zo van Friesland en Gaasterland hield is helaas afgelopen jaar overleden. ‘Wat was het mooi geweest als hij hier bij had kunnen zijn.’ Met hem heeft ze het overigens vaak gehad over terug gaan wonen in Wijckel. ‘Maar je weet dan ook niet of je dan weer dat terugvindt, wat je in die tijd had.’ Met mevrouw Sierdsma had haar echtgenoot een speciale band, zo vertelt de doktersdochter. ‘Ferstiet jo man wol Frysk?’vroeg ze mij eens. Toen ik vertelde dat hij het wel verstond, maar niet sprak, stuurde ze hem vervolgens een Fries gedicht op. Ze droeg hem op dat helemaal te vertalen. Zonder mijn hulp. Hij ging er zelfs voor naar de bibliotheek om uit te zoeken wat alles betekende, maar gaf haar de hele vertaling.

Opa vestigt zich in 1890 als huisarts

Lydia’s opa vestigde zich als huisarts in Wijckel in mei 1890. Later nam zijn zoon de praktijk over en kleine ‘Liedeke’ groeide dus op in de woning aan de Jachtlustweg. ‘Ik denk dat ik op de foto 3 jaar was. En daarboven, was mijn kamer. Die met dat balkon.’ Daar mocht ze van haar vader trouwens nooit op, want hij was bang dat ze dan zou vallen.

Haar lagere schooltijd bracht ze door in Wijckel en ze ging vervolgens een jaar naar de Mulo in Harich. ‘Mijn ouders vonden me toen namelijk nog te jong om met 12 jaar uit huis te gaan. Vervolgens volgde ze in Leeuwarden een studie aan de sociale academie om maatschappelijk werkster te worden en ging intern wonen bij een familie. ‘Maar in de weekenden kwam ik altijd thuis. Mijn vader heeft bij ons trouwen iets moois uitgesproken over hoe ik was in die tijd. Hij zei: ’Als je bij die ene sloot was, zag je de toren weer staan en dan was je weer helemaal thuis.’ En thuis dat voelde Wijckel voor haar. ‘Ik heb echt een heerlijke jeugd gehad. Met slootjespringen, veel buiten dingen doen. Ik was dan ook meer een jongen dan een meisje als het daar om ging.’

Niet anders dan anderen

In het dorp was ze ook niet anders dan anderen, vindt ze. ‘Gelukkig deed niemand anders tegen me. Ik kwam gewoon bij mensen thuis, was overal welkom. Daar zaten ze dan grote pannen met aardappelen te schillen. Dat gebeurde bij ons thuis door een hulp, maar bij mijn dorpsgenoten hielp ik dan ook gewoon mee.’ Hoewel zij een heerlijke jeugd had, was het voor haar moeder wel wat ingewikkelder. ‘Die kwam uit Amsterdam en miste dat leventje wel een beetje. Maar ze ging dan wel naar Sneek naar concerten met bijvoorbeeld andere huisartsenvrouwen.’

Dat haar vader een begrip was in Wijckel is haar vanzelfsprekend niet onbekend. Om de manier waarop hij zijn patiënten behandelde waarschijnlijk, maar ook om een aantal andere zaken. Zo waren hij en zijn sigaar onafscheidelijk. En had hij altijd een scheiding in het haar. En dan was er nog die auto, die bijzondere auto. Nog steeds hebben hele generaties het over hem en over zijn vader. Er is zelfs een straat naar de familie genoemd. En blijkbaar heeft hij de voorliefde voor medische zaken toch ook doorgegeven, want zijn kleindochters zijn ook allemaal iets medisch gaan doen. Eentje is er ergotherapeut geworden, de andere hartfunctie laborant en de derde kinder IC verpleegkundige. Een vierde kind uit het gezin Voogt, een zoon is verdrietig genoeg overleden op jongere leeftijd. ‘Het was eigenlijk zelfs de bedoeling dat de derde generatie Hattink zich hier ook zou vestigen. Maar mijn broer was nog niet klaar met de opleiding toen die plek ingenomen moest worden. Dat is er dus helaas niet van gekomen.’

Het pand ademt historie

De huidige artsen wilden de foto en andere oude foto’s van onder andere de artsen Hattink graag in het pand hangen omdat ze vinden dat het gebouw waarin zij zijn gevestigd historie uitademt en dat ook zo moet blijven. ‘En de patiënten hebben het ook altijd over dokter Hattink.’ Zijn dochter kan alleen maar beamen dat ze dat een fijn idee vindt. ‘Mooi dat het huis niet iets is geworden voor vergaderingen of zo. Het was een artsenpraktijk en dat is het nu nog steeds. Wel wat anders dan toen, maar toch. Zo herken ik niet heel veel meer. Alles was op een andere plek en zag er natuurlijk ook helemaal anders uit. Verder benadrukt ze dat haar vader dag en nacht aan het werk was. In de nacht een bevalling en dan in de ochtend weer gewoon op het spreekuur zitten. En hij maakte veel van de pillen en poeders die hij uitschreef zelf. Dat is dan nu allemaal wel wat anders, maar dat er nu weer artsen in zijn gevestigd geeft een heel goed gevoel. ’