‘Boeren zijn trots op wat ze doen’

NIJEMIRDUM

Lange tafels met daaraan 400 belangstellenden die allemaal te eten krijgen in een lichte geur van mest, loeiende koeien en vertellende boeren. Dat was het scenario van de FF Boerenlunch vorige week donderdag bij de familie Eppinga in Nijemirdum. Er werd gebakt en gebraden, er werd gegeten dat het een lieve lust was, maar er werd vooral veel verteld over het boerenleven en over wat de consument eigenlijk wel zou moeten weten over hoe een boerenbedrijf werkt.

Hains Koopman uit Oudega is zo’n boer. Hij zit met zijn gezin aan een tafel en vertelt graag wat meer over het boeren in Nederland. Volgens hem is deze editie van FFBoeren nog weer drukker dan de voorgaande. En dat doet hem plezier. ‘De vraag naar de herkomst van voedsel is duidelijk belangrijk voor mensen.’ Zelf heeft hij een melkveehouderij in Oudega. ‘En daar gaan de vragen ook vaak over. Of koeien buiten lopen, hoe vaak dat is. Zaken die voor ons heel normaal zijn, maar voor een consument dus duidelijk niet.’ Hij vindt het een goede zaak dat boeren op deze manier in contact komen met de consument. ‘Want zo leren wij van hen en zij van ons.’

Trots

Boeren zijn trots op wat ze doen, stelt hij verder. ‘En als er dan zoveel mensen op een initiatief als dit afkomen, blijkt dat zij dat ook op ons zijn. Dat is voor ons een bevestiging dat we goed bezig zijn.’

Op het moment van FF Boeren was het droog. Kurkdroog. ‘En ja natuurlijk hebben we het daar dan over. Met de consument, maar ook onderling. De vraag is dan of je genoeg eten hebt voor de winter voor je koeien. De meeste boeren hebben dat. Die kunnen wel 1 jaar overbruggen met wat kunst- en vliegwerk. Maar bij de gewassen ligt het anders. Die hebben van de droogte enorm te lijden en dat betekent dat de kwaliteit waarschijnlijk minder zal zijn en de kostprijs omhoog gaat onder andere door het beregenen.’

Steun van de overheid daarbij is eigenlijk onontbeerlijk stelt hij. Maar diezelfde overheid zou ook veel meer richting moeten geven. Zelf heeft hij lang geaarzeld wat hij moest doen: investeren in de aankoop van land of toch maar niet. ‘En we hebben daardoor de boot een paar keer gemist.’ Uiteindelijk heeft hij dat toch gedaan en daardoor heeft zijn bedrijf nu voldoende land en kan het vooruit onder de huidige wet- en regelgeving en hoefden er geen koeien weg. ‘Maar heel veel andere boeren zitten volledig op slot. Hun investeringen zijn vaak voor 15 tot 20 jaar, maar de regelgeving is daar vaak niet op afgestemd. Die denkt er niet bij na wat maatregelen betekenen voor een boer over 10 jaar.’

Ook vinden de gangbare boeren dat het ‘bio-boeren’ wat overgewaardeerd wordt. ‘Want ook gangbare boeren willen wel stappen maken en meer die kant op. Boeren zijn namelijk heel innovatief en leergierig. Maar de stimulans daarvoor ontbreekt. Bovendien wordt zuivel voor 75 procent afgezet in het buitenland en maar 25 procent komt in Nederland terecht. Overigens heeft Koopman dit jaar met Aware afgesproken dat zijn melk via een aparte melkstroom wordt afgezet. Een aparte melkstroom is de melk die tussen weidemelk en biologische melk in zit. Genetisch gemodificeerd is daarbij uit den boze en de koeien lopen daarbij veel buiten. ‘Ik denk dat het goed is dat we meer die richting uit gaan. En de focus van mensen gaat toch steeds meer naar gezond eten. Daar werken we graag aan mee en het is tevens een kans voor boeren. Overigens zouden wij ook wel biologisch gaan boeren, maar de meerprijs die dat met zich meebrengt, kan op dit moment voor ons nog niet uit. En daar moeten we ook rekening mee houden: een boer is naast boer ook boekhouder.’

Op zijn boerderij zijn ook andere stappen gezet die niet verplicht waren. ‘We hebben zelf een heel project opgezet. Hebben sloten dichtgegooid en er voor gezorgd dat er op andere plekken plas-dras plaatsen ontstonden. Zonder beheersubsidie. Omdat wij als boeren het beheer van greidevogels ook belangrijk vinden.‘