Albertje Meijer viert 100e verjaardag

BALK Afgelopen maandag werd Albertje Meijer-Dooper 100 jaar. Ze werd geboren in 1921 en heeft dus flink wat veranderingen zien voorbijkomen.

De zaterdag daaraan voorafgaande zijn de meeste kleinkinderen bij haar in Talmahiem langs geweest om haar te feliciteren. Natuurlijk buiten en op afstand.

Op de verjaardag vond een een feestelijke bijeenkomst in het restaurant van Talmahiem plaats. De 100- jarige, haar broer Lubbert, haar 2 dochters (Lydia en Gusta) en bewoners van Talmahiem hadden een gezellig samenzijn. Overigens wonen nu van de Doopers 3 van 5 op het Talmapark; naast Afke en Albertje woont sinds kort broer Lubbert er ook.

Het wiegje van de eeuweling stond in Ruigahuizen. Ze was het derde kind van een gezin van 8. „Een echte boerin,” zegt haar dochter Lydia van Dokkum-Meijer daarover. „Ze stond liever achter dan voor. Hield van melken, sjouwde de melkbussen de wagens op.” Iedereen dacht dus ook dat ze met een boer zou trouwen. Niets bleek minder waar. Ze trouwde met een Amsterdammer en verliet Friesland voor de liefde. Die man, Theo Meijer kwam in de hongerwinter naar Friesland en werkte in een fietsenwinkel in Balk. En daar sprong de vonk over en werden ze verliefd op elkaar. Albertje was overigens niet eentje die stilzat. Ze zat bij de toneelclub, was akela, was altijd actief. Ook was ze kokkin bij de baas van Douwe Egberts. Ze zwaaide in de keuken van De Jong de scepter en ze kon ook heel goed met De Jong opschieten. Dat resulteerde er later in dat ze jarenlang pakken met thee, koffie en tabak opgestuurd kreeg van hem. In al die jaren is aan het actief zijn van de eeuweling niets veranderd, tot ze vorig jaar een onfortuinlijke val maakte. Die heeft haar mobiliteit enorm verminderd. En door de coronatijd was het allemaal al heel moeilijk, dus de afgelopen maanden zijn voor haar niet eenvoudig geweest.

In 1949 trouwde Albertje met haar Theo. Hij verhuisde voor zijn werk naar Sittard en ging daar eerst alleen in de kost. „Maar mijn moeder ging er vrij spoedig daarna achteraan.” Ze kregen zelf een huis en er werden 3 kinderen geboren: twee dochters en een zoon. Hoewel Albertje het wel naar de zin had in het zuiden, waren er wel een aantal zaken die haar daar niet zo aanspraken. Zo hield ze absoluut niet van carnaval. Maar bij de gymnastiekclub was ze dan juist wel weer heel actief. „En wat ze miste was dat ze geen Fries kon spreken.”

In 1994 overleed Albertjes man. Ze bleef daarna nog 5 jaar in Sittard wonen, maar het bloed kruipt toch waar het niet gaan kan. Zeker toen haar zuster Afke naar Talma Park verhuisde en ze zag hoe goed die het had, begon het te kriebelen. Dus koos ze ervoor om terug te keren naar het Heitelân en nam ze ook haar intrek in Talma Park.Niet achter de geraniums, maar ze was ook hier weer heel actief. Zo was ze vrijwilligster bij dementerende ouderen bij Plantein. Ze haalde en bracht mensen, hielp hen met spelletjes en andere activiteiten. Em ze had nu natuurlijk de meeste van haar zussen en broer weer om zich heen. Wel had het haar in een spagaat gebracht: haar kinderen die allemaal ver weg wonen moesten urenlang in de auto zitten om haar te bezoeken. „Maar wij hebben altijd gezegd dat ze vooral moest doen wat voor haar goed was. Mam, je bent hier thuis, zeiden we tegen haar.”

Het afgelopen jaar was door de corona voor iedereen heel moeiijk. Ook voor Albertje en haar kinderen. „Eerst mochten we helemaal niet komen. Toen 1 keer in de week en nu weer 2 keer in de week. Maar dat is moeilijk.” Daar komt nog bij dat iedereen zich natuurlijk heel erg had verheugd op dat feest rondom haar 100e verjaardag. „Ze wilde met ons allemaal bij de Galamadammen gaan eten, want daar kwamen wij altijd. Maar op een gegeven moment hadden we allemaal wel in de gaten dat zo’n groot feest er helemaal niet inzat.” Toen onsttonden allerlei ideetjes. Een soort drive-through bijvoorbeeld waarbij iedereen langs kon komen en haar zo kon feliciteren en koffie in de auto kreeg. Maar een telefoontje naar gemeente De Fryske Marren maakte al snel duidelijk dat dit er niet in zat. „Het mocht niet.” 

Goede raad was duur. Toen werden er leuke uitnodigingen gemaakt voor zowel de familie Meijer als de familie Dooper met foto’s en een filmpje. En werd een plan bedacht dat alleen de kleinkinderen langs gingen lopen bij Talma Hiem zodat de jarige toch het gevoel had jarig te zijn. „Maar toen bleek het weer spelbreker te zijn. Code rood werd voorspeld op haar verjaardag. Dus hebben we toen alles toch weer omgezet en het naar zaterdagmiddag verplaatst.” Op de binnenplaats van Talma Hiem werd de deur op een kier gezet, de jarige werd goed aangekleed en daar kwamen de kleinkinderen met een geluidsbox Albertje toezingen. En dansen. „Alles op 1,5 meter en met een mondkapje op natuurlijk. Maar er werd wat afgesprongen op dat plein.” Dat was natuurlijk al feest.

Op maandag, haar werkelijke verjaardag werd ze gehuldigd door Elske Woudstra van Talma Hiem. Alle bewoners kregen een gebakje en de twee dochters mochten dat moment met hun moeder en de andere bewoners delen. Vervolgens verscheen broer Lubbert op het toneel die sinds kort ook in Talma Hiem woont en die hield een prachtige speech over zijn zuster. Daaruit sprak onder andere de grote trots die hij voelt voor zijn zuster. Rond 11 uur was daar opeens een nieuwe verrassing: 3 van de 9 kinderen van zuster Afke (zij wordt 104 jaar oud) kwamen met een spandoek langs waarop stond dat ze 100 was geworden. En er werd voor haar gezongen. Door het slechte weer was dat echter voor bijna niemand te zien, daarom hangt het spandoek er nu nog. De jarige Jet was beduusd van al die aandacht (en alle bossen bloemen en kaarten), maar gaf wel aan dat die verjaardag zeker nog gevierd gaat worden. „Ze vroeg nu al of we niet meer kopjes en schoteltjes konden kopen. Voor als het weer kan. Dat is echt mijn moeder. Heel gastvrij en een echt mensenmens. En een opvallende vrouw. Beslist geen grijze muis.”

Meintje Haringsma