Familieruzie tussen Sytzama en Galema blootgelegd in Warns

WARNS Aan de rand van het dorp Warns hebben Friese archeologen de lang gezochte stins van de familie Sytzama gevonden en blootgelegd. Het steenhuis was aan het einde van de 15e eeuw het strijdtoneel van de ruziënde Schieringers en Vetkopers in de strijd om de macht in zuidwestelijk gebied van Friesland.

Aangemoedigd door een tip van een bewoner uit Warns bezoekt Arnoud de Ridder de locatie van de opgraving aan het oosteinde van het dorp. Enthousiast en vol nieuwsgierigheid betreedt hij het natte en half bevroren weiland en baant zich met laarzen een weg naar de archeologen. Die kijken vragend wat die man komt doen. Nauwelijks aangekomen om de vragen te stellen, loopt hij zich vast en zakken de laarzen diep in de natte modder weg en staat hij muurvast in de zuidwestelijke klei. Archeologe Janneke Hielkema en haar collega moeten er aan te pas komen de man te bevrijden en dan kan het verhaal over de ontdekking van het steenhuis beginnen. “Ik hou van veldwerk en de geschiedenis, maar had niet verwacht zo kennis te maken met jullie en deze opgraving”, verontschuldigt hij zich nog, maar het is te laat en de toon is gezet. De man stelt zich netjes voor dat hij namens deze krant komt om iets te horen over de opgraving. Vervolgens meldt Janneke dat alle nieuws en berichten gaan via de persafdeling van de gemeente Súdwest-Fryslân en dat er binnenkort een persbericht komt. Enigszins teleurgesteld legt de verslaggever zich hierbij neer, maar het lukt toch om een indruk te krijgen van de opgraving.

Geen skeletten en fibula

De onderzoekers van RAAP Archeologische Adviesbureau zijn al enkele weken bezig met de opgraving rond de stins van de adellijke familie Sytzama aan het einde van de 15 eeuw. De archeologische dienst wist dat er ergens aan de rand van het dorp een stins had gestaan. Ook luchtfoto’s uit de droge zomer van 2018 toonden andere kleurpatronen in het weiland dat er iets onder het maaiveld moest liggen. “Uit andere bronnen wisten we dat de stins heeft bestaan en nu de rondweg word aangelegd was het een goed moment op onderzoek uit te gaan”, legt Hielkema uit. “Daar zie je duidelijke randen van de muren en een volgestorte gracht en verderop zijn musketkogels en een oude verweerde munt gevonden. Geen skeletten of een fibula (kledingspeld), maar er zijn wel duidelijk sporen zichtbaar van een strijd tussen 2 adellijke families Sytzama en Galema die het niet met elkaar eens waren. Galema liet rond 1490 ook een stins bouwen, waardoor de ruzie ontstond. Uiteindelijk leidde dat allemaal tot de verwoesting van de stenen toren van de familie Sytzama. Kern van het conflict is een ordinaire strijd om de macht tussen de Schieringers zoals de familie Sytzama en de Vetkopers Galema.

Weinig meer over

In Friesland ontbrak tot circa 1500 een centraal bestuur met een landsheer. In de 12e en 13e eeuw braken er tussen grootgrondbezitters onderlinge vetes uit, ook wel het conflict tussen Schieringers en Vetkopers genoemd en te vergelijken met de Hoekse en Kabeljauwse twisten in de Hollandse gewesten. De grootgrondbezitters bouwden vanaf de 12e eeuw torenvormige gebouwen (stinzen) die verdedigd konden worden. Vaak werd een dergelijk steenhuis gebouwd op een opgeworpen heuvel en soms met een gracht er omheen. De stenen fortificaties vielen op tussen de van hout en leem en riet opgebouwde huizen van anderen. “Ze straalden macht uit en waren betrekkelijk veilig voor aanvallen, maar helaas zijn er slechts enkelen bewaard gebleven. Alle informatie van deze mini-kastelen via de overblijfselen in de grond is dan ook van harte welkom”, aldus de onderzoekers.

“Aangenomen wordt dat de strijd ging tussen Jelmer Ottes Sytzama (1455-1520) en zijn vrouw Ats Bonningha (1450-1494) die woonachtig waren in de toren. Haar man bleek op zijn terugreis naar Warns door Douwe Gaeles Galema te zijn ingerekend. Ats zou haar man alleen levend teug zien als ze zich zou overgeven”, legt archeologe Yvonne Boonstra uit. En dat gebeurde, waarop Galema de stins volledig verwoestte. “De stins is tot de grond toe afgebroken en puinbanen en andere sporen geven aan waar het gebouw heeft gestaan. De vondst van een grote kanonskogel en diverse musketkogels levert het bewijs dat er gevochten is om de stins.

De komende weken zijn de archeologen nog wel even zoet met de opgraving om precies te achterhalen wat er gebeurd dis eind 15e eeuw. “alles wordt gefotografeerd, in kaart gebracht en amateurarcheologen gaan met metaaldetectoren op zoek naar meer vondsten. Uiteindelijk komt een er publicatie over de resultaten. Gelukkig zit het weer mee de komende periode. De graafmachine kan nu weer zijn werk doen, want vlak na de korte winterweek zat hij vastgevroren op het weiland”, beëindigt Hielkema haar korte uitleg. “We gaan weer verder”, zegt ze en laat de verslaggever met een beetje Friese geschiedenis en laarzen achter op het veld met modder.