Johan Huisman bouwt zijn 40e gondel

BALK - Johan Huisman was 14 toen hij zijn eerste gondel bouwde voor de gondelvaart. Dit jaar wordt het de veertigste keer dat hij zich creatief uitleeft.

Maandagavond in en om de werkruimte en de woning van Johan Huisman en zijn vrouw. Mannen staan buiten te lassen, binnen wordt er met stof gewerkt en hangen de mooiste kostuums. Daar zijn vooral vrouwen die zich te buiten gaan aan het maken van de kleding. Johan loopt ertussendoor, geeft her en der tips en overlegt. Dat de Balkster Courant hem komt bezoeken is een verrassing voor hem. ‘Maar ik moet aan de slag,’ werpt hij even tegen. Met nog zo’n anderhalve week te gaan, moet er nogal wat gebeuren stelt hij. En niet alles loopt altijd even vlekkeloos, soms gaan dingen nu eenmaal een beetje anders dan gedacht.

Door de Wilhelminastraat, waar Johan inmiddels alweer 10 jaar woont, wordt momenteel gewerkt aan Herfst fantasie. ‘Bij ons gaat het bedenken van het onderwerp altijd heel democratisch. We komen met de straat bij elkaar, gooien er ook nog een bingo tegenaan om er voor te zorgen dat er veel mensen komen. En dan worden de ideeën losgelaten.’ Fantasie is de algemene opdracht dit jaar, in de Wilhelminastraat bedachten ze daarvoor drie opties. Zo was er het idee om een soort pop-up boek te maken, iets met ronde vormen en kleur en dit sprookjesachtige idee. ‘Vervolgens maak ik dan 3 moodboards en werk het uit in een tekening. We zetten de voor- en nadelen op een rij en dan gaan we met z’n allen beslissen.’ Zelf had hij wel graag ook het pop-up boek willen maken, zoals die kaarten waarbij van alles tevoorschijn komt. ‘Maar we beslissen samen. Vorig jaar wilde ik ook heel graag een kerststal maken. Is ook niet doorgegaan,’ zegt hij grijnzend. Is eenmaal gekozen dan maakt hij een maquette. ‘Die is 1 op 10. Alle bouwers kunnen de meetlat er zo bij houden.’ Dan worden de kinderen uitgezocht die mee gaan doen, de kostuums bedacht, stoffen uitgezocht en ga zo maar door. ‘Overigens lenen wij de laatste tijd vaak kinderen, want onze buurt heeft niet zoveel kinderen meer,’ lacht het gezelschap dat ondertussen even aan de koffie zit. Dit jaar zullen er 9 kinderen op de gondel staan. Elfjes en vlinders met heuse vleugels. ‘Voor dat soort zaken moet je dus technische oplossingen vinden. Gelukkig hebben we allerlei mensen die daar goed in zijn. Iedereen heeft z’n eigen taak en specialiteit.’

Creativiteit is vooral zijn ding. Altijd al geweest. ‘Ik maakte toen ik heel jong was al op een melkbussenkarretje een mini optochtwagen. En in de sloot naast ons bouwde ik al een gondel.’ Daarbij was hij gefascineerd door de geheimen van de gondelbouw. ‘Dan gingen we op zoek naar waar gebouwd werd, want dat werd altijd verborgen. Gingen we door de ramen gluren.’ Veertig jaar geleden rolde hij erin doordat zijn schoonzus vroeg of hij niet een gondel wilde bouwen. ‘Toen was het ook al wat moeilijk om gondelbouwers te krijgen.’ Hij vond het leuk en stemde in. ‘Het onderwerp was vrijetijdsbesteding. We maakten er een kampeergondel van. Ik deed het ontwerp samen met de buurjongen en mijn broer deed de verlichting.’ Toen bleek dat Johan dit erg leuk vond om te doen. ‘Maar het was de eerste drie jaren nog niet heel ingewikkeld. Toen dacht ik:’En nu zal ik even denderen.’ En zo geschiedde. Hij maakte een ronde gondel naar aanleiding van het spreekwoord Oeral skynt deselde sinne. ‘Het werd meteen de eerste prijs.’ Overigens is die prijs voor hem niet echt belangrijk. ‘Nee, daar bouw ik - bouwen wij - niet voor. Ik wil een mooie gondel maken en er plezier in hebben. En we maken echt alles zelf, niets wordt door ons kant-en-klaar gekocht.’

Het spannendste van de hele bouwerij vindt Johan de dag van de gondelvaart zelf. ‘Dan moet het gebeuren. ’s Ochtends moet de gondel de schuur uiten dat is wel eens wat moeilijk omdat er op het erf twee palen staan waar de gondel tussendoor moet. Soms is er dan toch iets aangebouwd wat het dan toch weer te breed maakt.’ Vervolgens is de gang naar het water en ook dat is spannend. ‘Vorig jaar hadden we een lekke buis, waardoor de gondel bijna helemaal in het water lag. Bovendien regende het ook nog eens verschrikkelijk.’ Na het ritueel van samen eten en daarna het schminken en het aankleden van de personen, is het tijd voor de gondelvaart zelf. Tijdens de vaart is de doorgang onder de brug nog even spannend, want daar moet alles naar beneden wat te hoog is. ‘En dan moet het weer omhoog.’ De Wilhelminastraat gaat ook voor wat entertainment aan de wal en zorgt vóór de gondelvaart voor lopers die de boel vast warm maken. ‘Wat we dit jaar gaan doen weten we nog even niet, maar dat komt wel.’

Johan bouwde overigens voor verschillende straten. Eerst de Trompstraat, daarna voor de Van Swinderenstraat en nu voor de Wilhelminastraat. ‘We waren eigenlijk rivalen. De Wilhelminastraat en de Van Swinderenstraat streden veelal om de prijzen. ‘Dus we waren blij toen Johan bij ons in de straat kwam wonen,’ lachen de andere bouwers.

Overigens krijgen de prachtige kunstwerken op de gondels tegenwoordig vaak een goede bestemming. ‘We proberen ze te verkopen. Gewoon via Markplaats. En dan gaan ze op de kar over de A6. Een giraffe eindigde op die manier bij een carnavalsvereniging in Limburg. Andere beesten in een musical theater. En de prachtige ijsberen zijn in een themapark terechtgekomen.’

Bladerend door de boeken die hij van de gondelvaarten heeft bijgehouden, kan Johan eigenlijk niet de mooiste kiezen. Eerst schiet hem die van China in gedachten. Maar dan komen de foto’s van Pippi Langkous, de Sinterklaasfabriek, de uittocht uit Egypte, het Oerol en Finding Nemo voorbij en vindt hij ze eigenlijk allemaal nog steeds geweldig. ‘Maar we doen het samen hoor. En ik ben beter in het bedenken dan in het uitvoeren. Daar zijn de anderen dan weer voor. Een gondel bouwen doe je samen, want alleen had ik het die 40 jaar niet kunnen doen!’